Pas op voor te hoge rekening-courantschuld aan eigen BV

07-08-2014

Vroeg of laat krijgt de directeur/groot aandeelhouder (DGA) van een goedlopende BV de behoefte om gebruik te maken van de in de BV opgebouwde reserves. Dat kan door de BV dividend te laten uitkeren. De BV moet een aangifte dividendbelasting doen en de DGA betaalt uiteindelijk 25% inkomstenbelasting (in 2014 is dit 22% tot € 250.000). De DGA kan ook zijn salaris verhogen. Het salaris is belast met maximaal 52% inkomstenbelasting. De salariskosten zijn weliswaar aftrekbaar voor de vennootschapsbelasting, maar de DGA betaalt hoe dan ook belasting. Kan het ook anders? 
 
Veel DGA’s denken van wel. Zij nemen geld op uit de BV en boeken dat als schuld in rekening-courant aan de BV. De rente wordt gemakshalve jaarlijks op de schuld bijgeschreven. Blijft dat bij relatief kleine bedragen, dan is er niet veel aan de hand. Maar vaak loopt de schuld aan de BV in de loop der 
jaren zo hoog op dat het de aandacht van de Belastingdienst trekt. Als de geldlening niet op zakelijke voorwaarden is gebaseerd, dan kan de Belastingdienst met succes stellen dat de gelden in feite definitief uit de BV zijn gehaald. Het bedrag van de schuld wordt gezien als een dividenduitkering waarover 25% inkomstenbelasting moet worden betaald. 
 
De BV zal een boete krijgen omdat geen aangifte dividendbelasting is gedaan. Een lening in rekening-courant is onder meer niet zakelijk als er geen aflossingsschema is afgeproken, of als de DGA in feite niet in staat is om de lening af te lossen. Een lage rente en het ontbreken van zekerheidstellingen aan de BV zijn ook indicaties dat de lening niet zakelijk is. Het ongecontroleerd laten oplopen van een rekening-courantschuld aan de BV moet dan ook worden vermeden. 

Alle nieuwsberichten: